Wet op het vrijwilligerswerk gedeeltelijk in werking getreden
Op 1 augustus 2006 is een reeks bepalingen van de wet betreffende de rechten van vrijwilligers in werking getreden. De wet, die in juni goedgekeurd werd door de Kamer en de Senaat, zal binnenkort verschijnen in het Belgisch Staatsblad. Het luik met betrekking tot de verzekeringen en verantwoordelijkheden werd grondig gewijzigd.
Men schat dat zo’n 1,5 miljoen Belgen zich vrijwillig inzetten voor een vereniging.
De wet vereenvoudigt bovendien de situatie van de sociale uitkeringstrekkers die een deel van hun tijd willen spenderen aan vrijwilligersactiviteiten. De werklozen en de bruggepensioneerden zijn niet langer verplicht om te wachten op een toelating: zij moeten dit enkel vooraf en schriftelijk melden bij de directeur van hun werkloosheidsbureau. Ze moeten niettemin beschikbaar blijven voor de arbeidsmarkt.
Mensen die arbeidsongeschikt zijn en een uitkering ontvangen, mogen zich als vrijwilliger inzetten voor zover de adviserende geneesheer vaststelt dat deze activiteiten verenigbaar zijn met de algemene gezondheidstoestand van de betrokkene. Tot slot kunnen ook mensen die een leefloon, een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden of de inkomensgarantie voor ouderen ontvangen vrijwilligerswerk doen en dit met behoud van hun uitkeringen.